Eeuwig passieproject: maak kennis met de Mercedes Cabriolet van Kees

Kees Heijmans vindt het rijden in zijn Mercedes 250 SE Cabriolet fantastisch, maar van het restaureren en in nieuwstaat brengen geniet hij eigenlijk het meest.


  • Dit artikel komt uit het Autovisie archief van 2016. Prijzen, vergelijkingen en andere informatie kunnen ondertussen achterhaald zijn
  • Tekst en fotografie: Arno Lingerak
  • Dit artikel lezen in de originele magazine-opmaak? Klik hier voor de PDF

Nog niet uitgewerkt

Heel mijn leven heb ik in de auto’s gezeten, ik vind het gewoon prachtig werk. Ik ben begonnen als leerling plaatwerker en na een stuk of vier, vijf bazen ben ik voor mezelf begonnen. In 2003 is mijn autoschadebedrijf echter in één middag volledig afgebrand. Behalve een heel aantal klantenauto’s stonden er een Mercedes 170V van 1936 en mijn 190 SL van 1955. Die laatste was mooier dan concoursstaat, haast overdreven gerestaureerd. Alles was verwoest. Toen alle rompslomp na de brand achter de rug was hebben we gelijk deze 250 SE Cabriolet gekocht.

Mijn vader reed ook Mercedes, hij kocht zijn eerste zo’n vijftig jaar geleden. In die tijd haalde ik ook mijn rijbewijs. En ik mocht af en toe met die auto op pad. Dan keek je voor je en zag je die ster door het luchtruim klieven. Ik weet het nog precies, ik reed hier over de dijk en ik kreeg het te pakken…. En nu rij ik ook al weer 40 jaar Mercedes.

Mercedes 250 SE CabrioletMercedes 250 SE Cabriolet

Mercedes 250 SE Cabriolet

Na de brand heb ik samen met mijn vrouw uit een boek met daarin alle modellen die Mercedes-Benz gemaakt heeft een type uitgezocht dat we allebei mooi vonden. De 190 SL viel af, ik had immers die van mezelf én twee exemplaren voor klanten al gerestaureerd. Deze W111 Cabriolet steeg ver boven de rest uit. Langer en statiger dan de 190 en ook met het dak dicht is hij nog heel mooi. Dat moest ‘m echt worden.

We zijn op zoek gegaan en kwamen al vrij snel bij deze 250 uit. De motor liep, hij zag er redelijk uit en er zat een Nederlands kenteken op; we konden er eigenlijk zo mee wegrijden. Het enige dat echt nodig was, was een nieuwe cabriokap, die was erg slecht. Deze auto komt uit Amerika en was origineel zandbeige. Ik was bewust op zoek naar een niet gerestaureerde auto. Het werken aan een auto is fantastisch, dat doe ik het liefst.

Het linker voorscherm was ooit op zijn Amerikaans uitgedeukt, ze zijn daar in dat soort zaken toch wat makkelijker dan hier. Dat scherm zat dus helemaal vol met plamuur en daar heb ik dus een nieuw deel opgezet. Wonderlijk genoeg kon dat gewoon via de dealer besteld worden. Ze waarschuwden me wel dat het wat langer kon duren, maar een paar dagen later was het er gewoon. Verder was de carrosserie hard, er was geen laswerk nodig. Die oude auto’s hebben beter, steviger plaatwerk. Dat merk je gelijk als je er als plaatwerker mee aan de slag gaat. Auto’s zaten ook eenvoudiger en logischer in elkaar.

Mercedes 250 SE Cabriolet

Opgestoken duimpjes

Mijn vrouw en ik hebben samen deze bordeauxrode kleur uitgezocht, ook omdat het heel mooi bij het interieur past. Ik heb de auto dus gespoten, de achteras is gereviseerd en verder hoefde er aan de techniek weinig te gebeuren. En nu? Die neus, het chroomwerk, de lijn, het model van de auto. Ik geniet er gewoon elke dag van. In de winter staat hij binnen, maar elke keer is het starten en lopen in het voorjaar. Het is een zescilinder met benzine-injectie en dat rijdt zo lekker in combinatie met die automaat en de stuurbekrachtiging.

Het is fantastisch. We rijden altijd rustig aan en binnendoor. Dat is ook het leukst, met het dak open en de wind door je haar waaiend… De eerste jaren reed ik er weinig mee, maar omdat ik in afwachting ben van een nieuwe auto en mijn oude al is ingeleverd bij de dealer, is het nu tijdelijk mijn dagelijkse auto. En dat bevalt prima. En het aantal opgestoken duimpjes dat ik krijg…, niet te tellen.

Passie voor restaureren

Mijn zoon heeft het schadebedrijf overgenomen en daar spring ik geregeld nog bij. Sta ik weer een dorpel in een Porsche te lassen of ben ik bezig op de richtbank. Ik heb veel ervaring en vind het nog steeds leuk, het blijft toch je passie! Toen ik zelf nog in het schadebedrijf zat, was ik er zeven dagen per week mee bezig. Jarenlang heb ik twaalf uur per dag gewerkt. En toch zou ik nu wel weer een project willen, puur om lekker bezig te zijn.

Iets wat er gehavend uitziet, ik heb echt een passie om daar weer iets moois van te maken. Zo ‘s avonds na het eten nog even naar de hobbyruimte en dan aan de slag. Dat is voor mij gewoon een feest. Er komt vast nog wel eens iets anders, waarschijnlijk zo’n ‘bolhoedje’ van Mercedes, de 180. Die is simpel, leuk om aan te werken én het was mijn vaders eerste auto. Redenen genoeg om die eens aan te pakken.

Weetjes

Paul Bracq is verantwoordelijk voor het ontwerp van de cabriolet en coupéversies van de Mercedes W111-serie. De W111 was een voor zijn tijd erg luxe en veilige auto. Een interieur vol leer en echt hout en nieuwe zaken als kreukelzones en veiligheidskooien waren standaard. De productie geschiedde nog gedeeltelijk met de hand.

De basissedan kwam al in 1959 op de markt, in de zomer van 1965 werd deze opgevolgd door de W108. De coupé en cabriolet bleven echter tot 1971 in productie. In de laatste twee modeljaren is de cabrio geleverd met de 200 pk sterke en 3,5 liter metende V8-motor. Na de W111 heeft Mercedes twee decennia lang geen vierzits cabriolets meer gemaakt.