Verbaasde blikken: Jan haalde na twintig jaar zijn Eend uit de mottenballen

Je hoort het niet vaak, iemand die ruim dertig jaar na aanschaf nog zeer regelmatig in zijn eerste auto rijdt. Maar Jan Struik is zo iemand. Maak kennis met zijn Citroën 2CV4.


  • Dit artikel komt uit het Autovisie archief van 2017. Prijzen, vergelijkingen en andere informatie kunnen ondertussen achterhaald zijn
  • Tekst en fotografie: Arno Lingerak
  • Dit artikel lezen in de originele magazine-opmaak? Klik hier voor de PDF

De eerste de beste

Ik kocht deze auto in 1986 bij een garagebedrijf in Uden. Dat ik daar een 2CV kocht, was geen toeval. Het was een voor ons bekend adres voor onderdelen en keuringen. Mijn vader reed in een witte CX en mijn moeder had een rode Dyane. Ik kocht de auto voor 400 gulden, reed het pad af richting het centrum en de eerste keer dat ik remde, zakte gelijk het pedaal weg.

Ik was door de remleidingen gegaan. Ik ben gebruikmakend van de handrem teruggereden naar de garage, daar is het gerepareerd en toen kon ik alsnog naar huis met mijn nieuwe auto.

De auto was helemaal nog niet zo oud toen, maar evengoed was hij niet best. Ik heb samen met mijn vader alle delen die te erg verroest waren eraf gehaald en vervangen door andere plaatdelen. Spatborden, deuren, de klep, alles is vervangen en daardoor had de Eend alle kleuren van de regenboog.

Citroën 2CV6 Citroën 2CV6

Citroën 2CV4: Eendje in de opslag

Mijn vader heeft ervoor gezorgd dat de auto donkerblauw met lichtblauw werd en ik had er een geweldige en probleemloze auto aan. Ik ben er zelfs nog in getrouwd. Toen ik na vijf jaar een andere auto kocht, heb ik de Eend bewaard. Ze is de opslag in gegaan en heeft zo twintig jaar binnen gestaan in een droge, geventileerde loods. Ik ben er in die tijd wel elk jaar een paar keer heen gegaan om de auto wat aandacht te geven en even te starten.

Jaren later – ik was inmiddels gescheiden – had ik het met mijn vriendin over de 2CV: ik heb nog ergens een Eendje staan! Ze was gelijk enthousiast. We zijn er heengegaan, de auto gestart en hebben een rondje gereden. En dat beviel zo goed dat we er weer mee zijn gaan rijden. Er hoefde na die twintig jaar niets aan te gebeuren, starten, lopen en rijden maar.

Dat is jaren goed gegaan tot de auto zo’n drie jaar geleden echt aandacht nodig had. Ik heb haar toen helemaal gestript en de carrosserie in delen naar een vriend van me gebracht. Hij heeft een kleine spuitcabine. Eerst heb ik alles zelf thuis voorbewerkt en daarna zijn de plaatdelen stuk voor stuk gespoten. Ik ben tijdens de restauratie eigenlijk niets bijzonders tegengekomen, het is nu gewoon een plaatje!

Citroën 2CV4

Te overzien

Het mooie van zo’n klus is dat de prijzen van de onderdelen nog te overzien zijn. Afgelopen winter heb ik er nog nieuwe bumpers opgezet, twee bumpers inclusief bevestigingsmateriaal voor 150 euro. Een lekke aansluiting op mijn oliekoeler? Dan haal ik een nieuwe voor 45 euro. Er zitten nog ouderwetse contactpuntjes in en laatst liep de auto wat rommelig: hij stotterde wat en hield in.

Ik heb toen de puntjes vervangen. Dat kostte me 7,50 euro, daar word je toch gewoon blij van! En met behulp van een oude vraagbaak doe ik alles zelf. We doen nu heel veel met de auto. Coniferen ophalen van 2,5 meter? Planken halen bij de bouwmarkt? Je doet het dak open, zet de spullen erin en je rijdt rustig binnendoor terug.

En als je in het weekend boodschappen gaat doen ben je echt langer weg door de aanspraak die je hebt: ik heb er ook eentje gehad, wat leuk, hoe oud is-ie? Veel mensen krijgen er een lach van op hun gezicht.

Heel wat bekijks

Vorig jaar zijn we met de Eend naar Frankrijk gereden. Ik heb tegen mijn vriendin gezegd dat de gereedschapskist het belangrijkst is en dan pas de tas met schoenen en leuke jurkjes. Je moet met een andere mindset op pad, je moet overal de tijd voor hebben en nemen, en er kan weleens iets misgaan.

We reden een paar honderd kilometer per dag: de eerste overnachting net boven Luxemburg en zo door richting Colmar. We hebben daar heerlijk rondgereden en gefietst in de bergen. In totaal hebben we 3000 kilometer gereden.

En je hebt een bekijks daar! Iedereen hoort de auto aankomen, ze herkennen het geluid, en dan zie je de hoofden draaien en de verbaasde blikken: een Eend met twee racefietsen op de trekhaak! We reden zo’n 80, 90 km/h. Tijdens de klimmetjes in de Ardennen som maar 60 en verder in Frankrijk ging het soms met maar 30 tot 40 km/h de berg op. Deze Eend is gemaakt in België, en het was dus waarschijnlijk de eerste keer dat ze in Frankrijk was. En de gereedschapskist: die is niet open geweest!

Weetjes

De Eend was in de jaren zeventig nog geen cult: het was gewoon een erg goedkope auto. Deze 2CV4 was de luxe variant, de goedkopere Spécial had geen derde zijruit en had nog de ronde koplampen.

Verder moest de Spécial-eigenaar het doen zonder asbak, lichtje in het plafond en met een voorbank in plaats van losse stoelen, maar hij hield op die manier wel ruim 600 gulden in zijn zak. Moest het nóg 400 gulden goedkoper, dan kon men kiezen voor de 2CV4 Spécial, de uitvoering met 435 cm3 metende motor. Daarmee steeg wel de 0-100 km/h-tijd naar iets meer dan een minuut….