Vijf redenen waarom je (niet) een Dacia Sandero moet kopen

De Dacia Sandero is al sinds 2017 de bestverkochte auto aan consumenten in Europa. Inmiddels is-ie aan z’n derde generatie begonnen en geven we je vijf redenen waarom je ‘m (niet) moet kopen.

Een Dacia Sandero is al lange tijd dé auto voor de consument die zoveel mogelijk auto voor zo weinig mogelijk geld willen hebben. Hij is in de basis ongeveer net zo duur als een Hyundai i10 of Kia Picanto, maar biedt net zo veel ruimte (ietsje meer zelfs) als een Renault Clio. Moet je ‘m daarom ook direct op je wensenlijst zetten?

Plus: hij is goedkoop…

De vraagprijs van een Dacia Sandero is al sinds z’n introductie een van z’n – of misschien wel z’n grootste – unique selling points. Dat geldt ook voor de nieuwe en derde generatie, die een heel stuk goedkoper is dan z’n Franse broer: de Renault Clio. Want waar die auto pas verkrijgbaar is voor zo’n 19 mille, rijd je al in een Dacia Sandero vanaf 13.490 euro. Met die prijs valt de Sandero in het A-segment van de kleinste stadsautootjes, terwijl-ie qua formaat mee kan met auto’s als de Volkswagen Polo en Peugeot 208.

Min: …en dat voel je

Dat betekent dus ook dat ze bij Dacia ergens op besparen. En dat is luxe. Binnenin de Sandero vind je daarom nog altijd heel veel harde plastic panelen. Bijvoorbeeld aan de binnenkant van de portieren. Ook het materiaalgebruik van het dashboard is van duidelijk mindere kwaliteit dan de genoemde auto’s. Aan de andere kant: in deze prijsklasse hoeft Dacia zich daar echt niet voor te schamen.

Plus: hij ziet er beter uit dan ooit

Gelukkig heeft de Sandero wel enorme stappen gemaakt. Wie een model uit de eerste of tweede generatie ziet rijden, wil daar waarschijnlijk niet zo graag in gezien worden, maar deze derde generatie is best mooi om te zien. De Sandero heeft een veel stoerder front, met brede en geknepen koplampen, led-verlichting met Y-signatuur en een heel nieuwe bumperpartij. Omdat de Sandero nu op hetzelfde platform als de huidige Clio staat, is ook de maatvoering anders dan voorheen. De Sandero is lager, terwijl-ie ook breder en langer is. Ook de wielbasis en spoorbreedte zijn vergroot, waardoor de wielen meer op de hoeken van de auto staan. Dat zorgt er voor dat de Dacia er veel beter uitziet dan voorheen.

Plus: heel erg praktisch

Het materiaalgebruik en de optielijst van zo’n Dacia Sandero is dan niet van het hoogste niveau, toch is de auto helemaal ingericht op praktische bruikbaarheid. Dat vertaalt zich in ruimte aan boord, maar ook aan leuke en unieke details. Neem bijvoorbeeld de dakrails op de Stepway-versie. Die kun je namelijk ook overdwars leggen, zodat je het geheel als imperiaal kan gebruiken. Handig! Of neem de Bi-Fuel-variant. In die uitvoering heeft de Sandero ook een LPG-installatie aan boord, waardoor je met twee volle tanks (een benzinetank van 50 liter en een LPG-tank die je voor 40 liter kunt vullen) op papier 1300 kilometer kunt afleggen zonder te tanken. De bagageruimte meet trouwens 328 liter en dat is een paar liter meer dan die van de Renault Clio.

Min: weinig te kiezen

Als je houdt van het personaliseren van je auto, dan kun je beter niet voor zo’n Sandero gaan. Een manier voor Dacia om de prijs van de auto zo laag mogelijk te houden, is om de optielijst ook beperkt te houden. Wees niet bang: alles wat je in grote lijnen op een auto nodig hebt, kun je op deze Sandero bestellen. Maar houd je ervan om te kiezen tussen allerlei verschillende aandrijflijnen, optiepakketten en kleuren, dan kun je beter bij Renault aankloppen voor een Twingo of Clio.

Dacia Sandero