Peter Hilhorst
Peter Hilhorst Video 11 okt 2020

Peters Proefrit: Fiat Cinquecento Sporting

De Fiat Cinquecento Sporting is piepklein, maar levert groots rijplezier en daardoor heel veel pret per euro. Na het zien van deze nieuwe aflevering van Peters Proefrit wil jij deze Fiat ook.

Met de Fiat Cinquecento Sporting liet het Italiaanse merk begin jaren negentig weer zien waar het merk groot mee was geworden: het maken van steengoede stadsauto’s. Deze Sporting-versie was daar een overtuigend voorbeeld van. De Cinquecento – Italiaans voor 500 – werd in Polen geproduceerd tussen 1991 en 1998.

Rally

De Fiat Cinquecento Sporting was het topmodel, maar het motorenaanbod bestond verder uit een 0,7-liter tweecilinder, 0,9-liter viercilinders en zelfs een volledig elektrische versie! In 1994 kwam daar de Sporting bij die tevens de basis vormde voor de Trofeo-rallyauto waarmee in Cup-verband werd gereden. Het sportieve topmodelletje had een 1,1-liter viercilinder Fire-motor uit de Punto. De viercilinder leverde een bescheiden 54 pk, maar de Sporting woog ook maar 735 kg. De aandrijflijn was verder voorzien van een veel beter schakelende vijfbak.

Groot succes

In Nederland was de Fiat Cinquecento Sporting een groot succes, want de helft van alle Cinquecento-kopers koos voor de topuitvoering. Het geringe prijsverschil van omgerekend zo’n 1300 euro zal daaraan hebben bijgedragen, maar ook het geinige uiterlijk. Onder meer door bumpers en buitenspiegels in carrosseriekleur, 13-inch lichtmetalen wielen en een ovale uitlaatmond onder de bumper. Door een twintig millimeter verlaagd onderstel, stuggere dempers en anti-rolbar op de vooras moest hij zijn typeaanduiding verder inhoud geven. In het interieur leren bekleding voor het stuur en de pook, een toerenteller, goede sportstoelen en de kenmerkende rode gordels.

Extreem laat remmen

De Fiat Cinquecento Sporting weet na het omdraaien van de contactsleutel direct een lekker sportief sfeertje te creëren. De viercilinder laat zich goed horen en de sportstoelen houden het lichaam goed op zijn plek als voorzichtig de eerste zijdelingse krachten worden opgewekt. De viercilinder heeft geen uitgesproken sportkarakter, maar hij pakt soepel op en zet rond 3500 toeren per minuut iets aan om de de rode lijn bij ‘6’ in de toerenteller op te zoeken. De vijfbak schakelt met voldoende precisie en de versnellingen zijn lekker kort, waardoor je druk in de weer bent achter het stuur. Ondertussen loeit de Fire-motor krijgshaftig. Heel hard gaat het niet, maar als de aanloop naar een bocht lang genoeg is, dan kun je er met vermakelijk hoge snelheden induiken. Door het lage gewicht kan er extreem laat geremd worden.

Wielspin

De onbekrachtigde besturing van de Fiat Cinquecento Sporting is indirect en biedt gevoel. De reactie op het stuurwiel is vermakelijk snel en je voelt vervolgens de bandwangen vervormen, waarna hij zich zet op zijn onderstel. De demping is niet stug, waardoor er best veel koetsbewegingen zijn. Dat helpt bij het corrigeren van het onderstuur dat door de ver voorin hangende viercilinder ontstaat. Met gaslossen herpakken de voorbanden de grip dankzij de gewichtsverplaatsing en daarna kan het gas er altijd vol op. Wielspin? Vergeet het. Oversturen door abrupt in te sturen en gas te lossen doet hij evenmin, maar dat is ook niet echt wenselijk met een wielbasis van iets meer dan twee meter. De Sporting is door uiterlijk, motor en rijgedrag een ronduit leuke junior-GTI. Toen én ook nu nog levert hij veel pret per euro.

Reageer op artikel:
Peters Proefrit: Fiat Cinquecento Sporting
Sluiten