Eeuwig zonde dat Jaguar de C-X75 heeft afgeschoten. Helemaal als je hieronder de zes Spectre-exemplaren bij elkaar ziet staan. Wat dat betreft heeft in de nieuwste James Bond-film de slechterik de beste auto.

Jag_CX75_Bond_SPECTRE_Image_150915_01Jag_CX75_Bond_SPECTRE_Image_150915_01


De Jaguar C-X75 debuteerde in 2010 als een studiemodel met een behoorlijk onconventionele aandrijflijn. Onder de retromoderne carrosserie huisden twee gasturbines die vier elektromotoren (één voor elk wiel) van kracht voorzagen. De C-X75 leverde 780 pk aan vermogen en 1600 Nm aan koppel.

In mei 2011 liet Jaguar weten de C-X75 in productie te nemen, maar dan met een geblazen 1,6 liter benzinemotor op de plaats van de twee microturbines. De fabrikant zou maximaal tweehonderdvijftig exemplaren bouwen in samenwerking met het Williams Formule 1-team. De prijs van de C-X75 werd vastgesteld op ruim 950.000 euro.

"De Jaguar C-X75 is te zien in een nachtelijke achtervolging door Rome"

Uiteindelijk ging de supersportwagen in 2012 definitief in de ijskast. Door de aanhoudende economische crisis durfde Jaguar het niet aan de C-X75 in productie te nemen. Het merk bleef echter aan de prototypes werken, want het wilde de investeringen in de auto gebruiken om de hybridetechniek voor toekomstige Jaguars te ontwikkelen.

Daarbij zijn er zes exemplaren gebouwd voor de vierentwintigste James Bond-film Spectre, die in november in de Nederlandse bioscopen verschijnt. In de rolprent is de C-X75 – die is voorzien van de 550 pk sterke 5,0 liter V8 Supercharged uit de F-Type R – te zien in een nachtelijke achtervolging door Rome, waarbij Bond in zijn Aston Martin DB11 aan slechterik Hinx in zijn Jaguar probeert te ontkomen.

Abonneer je gratis op Autovisie YouTube

Mis geen enkele video van de makers van Autovisie!

Join!