Testredacteur Peter Hilhorst blikt elke donderdag via zijn Instagram-account terug op een memorabel driftmoment. Op deze Throwback Thursday is dat de Hyundai Genesis 3.8 V6 uit 2011.

https://www.instagram.com/p/BMDd4FojHTJ/?taken-by=peter_hilhorst

Ideale route

Peter vertelt: “De Hyundai Genesis 3.8 V8 is een extreem zeldzame auto in Nederland, omdat hij door zijn forse CO2-uitstoot duur was. Maar de 303 pk en 361 Nm worden met een handgeschakelde zesbak via een sperdifferentieel naar de achterwielen gestuurd. Ik maakte in 2011 met de coupé een geweldige rit door de Zwitserse Alpen. Een ideale route om bijvoorbeeld een vakantie mee te beginnen. Ik verliet toen letterlijk de Zwitserse A2 aan de staart van de file voor de Gotthardtunnel. Daar begon na acht uur rijden de pret met een 120 kilometer lange route over vier bergpassen: de Furka, de Grimsel, de Nufenen en de Gotthard. Klassiekers voor de enthousiaste stuurman. Op de oostkant van de Nufenenpas richting All’Acqua ligt geen asfalt. Het wegdek bestaat daar uit betonplaten en die worden spekglad door de regen.”

Insturen en keihard remmen

Een citaat uit de Autovisie-reportage van destijds: “Het sperdifferentieel van de Hyundai genereert midcorner extra onderstuur als je op het gas gaat en de achterzijde breekt pas uit als dat overwonnen is. Daardoor verpruts ik de eerste driftpoging en gaat de Genesis pas dwars bij het uitkomen. Na een stuk of drie haarspelden is het me duidelijk dat je deze achterwielaandrijver niet iets over zijn limiet moet rijden, maar hem daar ver overheen moet dwingen. De auto mag het moment van uitbreken niet bepalen, maar ik. De juiste aanpak is vlak voor het insturen keihard remmen, waardoor de neus heel gehoorzaam wordt. De achterwielen veren bovendien iets uit en dan is een vleugje gas voldoende om de grip te doorbreken. De maximale sliphoek laat zich vervolgens tot op de graad nauwkeurig afmeten vanachter het stuur en met zware stoten gas zeil ik de gehele bocht dwars door. De exit wordt van extra drama voorzien door de V6 tegen zijn toerenbegrenzer te laten aanstuiteren. Nog voordat ik de actie gerangschikt heb in mijn persoonlijke drift tophonderd dient de volgende bocht zich al weer aan. Met dezelfde handelingen schuif ik weer een paar meter hoger de Nufenenpas op. De Genesis laat zich zó nauwkeurig in overstuur houden, dat de stoepranden en rotswanden aan de buitenkant van de bocht geen psychologische remming vormen. Ik zie ze als een mikpunt om de neus zo dicht mogelijk langs de denkbeeldige apex te sturen en vervolgens met meer gas de achterzijde richting de vangrail aan de buitenzijde te loodsen. Zo glijdt de Genesis met korte stemverheffingen van zijn dikke V6 voorbij aan fotograaf Arno Lingerak. Na een kwartier geven zijn opgestoken duim en zijn grijnzende hoofd het sein “we’ve got him”.