Strooiwagen bij 35 graden? Hierom ligt er nu ook zout op de weg
Bij strooiwagens denk je waarschijnlijk aan sneeuw, ijzel en bevroren ruiten. Toch kun je ze deze dagen ook bij zomerse temperaturen tegenkomen. Niet omdat het glad wordt, maar omdat het asfalt juist te heet is.
Op snikhete dagen kan het wegdek veel warmer worden dan de lucht. Bij een buitentemperatuur van 35 graden kan asfalt oplopen tot zo’n 50 à 60 graden. Dan kan de bitumen in de bovenste laag zacht worden. Dat is het zwarte bindmiddel dat de steentjes in het asfalt bij elkaar houdt.
Strooiwagen met 35 graden
Als dat gebeurt, kan het asfalt gaan ‘zweten’: het wegdek wordt plakkerig en kwetsbaar. Auto’s en vrachtwagens drukken dan sneller sporen in de weg en er kunnen steentjes loskomen. Vooral op plekken waar veel wordt geremd, opgetrokken en gestuurd – zoals kruispunten en rotondes – is het risico groot.
Daarom sturen sommige gemeenten bij extreme hitte de strooiwagens de weg op. Het zout trekt vocht aan en helpt om een dun laagje op het asfalt te vormen. Daardoor blijft de bovenlaag minder snel aan banden plakken en neemt de kans op schade af. Meestal gebeurt dat alleen op probleemplekken, bijvoorbeeld als de temperatuur van het wegdek richting of boven de 50 graden gaat.
Airco van jouw auto verbruikt 20 procent meer dan ventilatie: toch kun je dit beter niet doen
Zie je dus midden in de zomer een strooiwagen rijden, dan is dat geen vergissing. Let wel op als je met een klassieker onderweg bent: zout is, net als in de winter, niet fijn voor de carrosserie en andere delen van jouw auto.
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.autovisie.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2024%2F07%2FStijn-Kuster1703-e1720450327879.jpg)