Het kopen van een Renault Clio Sport V6 is als het in huis halen van een grizzlybeer. Dat gaat een tijd lang goed, maar er komt een moment dat je nieuwe aanwinst je hoofd eraf bijt.

IMG_0303

Vooruit, laten we de agressie van een grizzlybeer niet overdrijven. De Renault daarentegen heeft al vanaf het begin van zijn bestaan – de Clio Sport V6 werd geïntroduceerd in 2001 – een buitengewoon recalcitrante inborst. Zijn grens aangeven, is iets wat de opgepompte wybert bijvoorbeeld niet kan. En daarom belanden vooral de wat minder getalenteerde bestuurders al snel aan de verkeerde kant, waar steevast een greppel ligt, een lantaarnpaal staat of de hemelpoort opdoemt.

"Zijn grens aangeven, is iets wat de opgepompte wybert niet kan"

De Clio Sport V6 kan echter weinig doen aan zijn listige karakter. Het zit simpelweg ingebakken in zijn concept: een gewichtsverdeling van 60/40 voor en achter, een korte wielbasis met een kleine maximale sliphoek en een zware middenmotor, een 255 pk leverende 3,0 liter V6 (type: PSA ES9J4) die in de Renault goed is voor een acceleratie van 0 naar 100 km/h in 5,8 seconden en een topsnelheid van 245 km/h.

Kenteken 75-LT-ST – die te koop staat voor 28.750 euro bij Automobielbedrijf Van den Brink in Arnhem – is echter een Clio Sport V6 Phase II (2003 – 2005). En dat betekent dat hij profiteert van een aantal wijzigingen ten opzichte van de Phase I (2001 – 2003). In een poging de kleine uitsmijter van zijn venijnigste streken te verlossen, vergrootte Renault onder meer de wielbasis en de spoorbreedte voor en monteerde de fabrikant stijvere schroefveren en Michelin Pilot Sports rondom.

Werkte het? “Kort samengevat: ja”, schreef Autovisie elf jaar geleden. “De Clio V6 geeft nu inderdaad beter aan wanneer je zijn grensgebied betreedt. Maar nee, een vergevingsgezinde auto is het nog steeds niet. Volstrekt niet. […] Aan sensaties geen gebrek in deze Renault. Bovendien moet je je als eigenaar blijven realiseren dat zijn soms lastige karakter de Clio V6 niet tot een slechte auto maakt. Want nogmaals: in de juiste handen vormt hij een geducht wapen.”

Een paar maanden later hees Autovisie de Renault zelfs op het ereschavot tijdens de Supertest van 2004. Hij eindigde op de derde plaats, vlak achter de Mitsubishi Evolution VIII en de Ford Focus RS. En wie in de archieven duikt en de oorspronkelijke test erbij pakt, ziet een bekend kenteken voorbij driften op de pagina’s: 75-LT-ST (zie boven). Want jazeker, deze prachtig blauwe Clio Sport V6 was ooit de persauto van Renault Nederland en prijkt daardoor in heel wat autobladen.

Erg veel geleden heeft hij ogenschijnlijk niet van zijn ongetwijfeld intensieve gebruik. Op de teller staan 76.325 kilometers, afgelegd in dienst van de importeur en daarna nog één eigenaar. Dat de Renault door beide goed is behandeld, blijkt onder andere uit de toestand van zowel het interieur als exterieur. De ietwat kale cabine – met slechts plek voor twee personen – is smetteloos, evenals de bodybuilderachtige buitenkant.

Spieren zijn overigens zwaarder dan vet, dus weegt de Clio Sport V6 (1.400 kg) niet minder dan 390 kg (!) meer dan de ‘gewone’ Clio Sport 2.0 16V (1.010 kg). Los van dat zijn de twee ook nog eens nauwelijks vergelijkbaar. De achterwielaangedreven Clio Sport V6 deelt vrijwel geen onderdelen met zijn conventionelere broertjes. En toch, ondanks zijn exotische bouwwijze is het geen straf om met de Renault door de stad te pruttelen.

"Op zaterdag naar de Aldi is niet zijn ding"

Hij heeft fijne stoelen (die helaas een beetje hoog staan), een aangenaam ogend interieur met mooie blauwe accenten en een onderstel dat stevig is, maar niet plankhard. De enige aanwijzing dat je met een ruwe bolster op pad bent, komt van de volvet gorgelende zescilinder vlak achter je oor en de draaicirkel, die van het formaat planeetbaan is. De acceleratie van de Clio Sport V6 is minder heftig dan je zou denken, maar die in toeren klimmende schreeuwlelijk op de achterbank maakt veel goed.

Praktisch nut is iets wat de Renault echter niet kent. Ja, er zijn twee kleine opbergruimtes in de neus en achter de motor, maar beide worden erg warm. Daarbij moet de Clio Sport V6 met enige voorzichtigheid over drempels worden gestuurd en lust de auto in theorie één liter per 8,4 kilometer, maar in de praktijk meer. Het is het testosteronbommetje niet aan te rekenen. Op zaterdag naar de Aldi is niet zijn ding. Hij wordt het liefst af en toe flink uitgelaten, bij voorkeur op een circuit.