Met vliegmachines had Vector Aeromotive niets te maken. Waarom toch die naam? Ach, het klonk zo lekker. En de sportwagens die de fabrikant produceerde, konden dan met straaljagers op de foto. BIRG, noemen psychologen dat, ‘Basking in Reflected Glory’.

Vector W8

Vector W8

Want helaas, van de Vector-droom is weinig terechtgekomen. Toegegeven, het Amerikaanse bedrijf bestaat nog steeds – nu onder de naam Vector Motors – maar het laatste product dat we ervan hebben gezien, stamt uit 2007. Toen onthulde het de WX-8, een prototype dat in ‘top spec’ (1850 pk uit een 10 liter twinturbo V8) meer dan 480 km/h zou moeten kunnen halen. Juist ja, als de Rally van Monte Carlo en de 24 Uur van Le Mans op één dag vallen…

"Vector wilde niet dat autojournalisten de topsnelheid van de W2 zouden uitproberen"

Laten we het erop houden dat Vectors buitenissige beweringen over de WX-8 een uitvloeisel zijn van de grote ambities van oprichter Gerald Wiegert. Deze ontwerper en technicus uit Detroit werkte voor Chrysler, Ford en General Motors toen hij in 1978 Vehicle Design Force oprichtte en zijn eerste eigen ontwerp voorstelde: The Vector. Deze designstudie op ware grote ging nooit in productie, maar vormde in 1980 de basis voor de W2, in tegenstelling tot The Vector een echt rijdend prototype.

De W in de typeaanduiding stond voor Wiegert en de 2 voor het aantal turbo’s. De Vector W2 werd namelijk aangedreven door een dubbel geblazen 5,7 liter V8 die naar verluidt zo’n 600 pk leverde. De geclaimde topsnelheid van ruim 380 km/h lijkt echter een gevalletje van de wens die de vader van de gedachte is. Zeker omdat Vector absoluut niet wilde dat autojournalisten de topsnelheid van de W2 zouden uitproberen. De fabrikant verbood het.

De W2 legde uiteindelijk zo’n 160.000 testkilometers af en evolueerde in de W8, het allereerste productiemodel van Vector. Hoewel, de term productiemodel is misschien wel érg optimistisch. Want van 1989 tot en met 1993 werden slechts tweeëntwintig exemplaren van de W8 in elkaar geschroefd; zeventien daarvan waren klantenauto’s. Een rode (chassisnummer #003) is te zien in de film Rising Sun (1993) met Sean Connery, Wesley Snipes, Harvey Keitel en Steve Buscemi.

Achterin lag wederom een twinturbo V8, ditmaal 6,0 liter groot. De krachtbron hamerde er ongeveer 650 pk en 880 Nm uit, daarom monteerde Vector een op het oog archaïsche drietrapsautomaat. Het lukte de autobouwer namelijk niet om een andere transmissie te vinden die het monsterlijke koppel van de achtcilinder aankon. De W8 ging in de eerste versnelling naar 113 km/h, in de tweede naar 220 km/h en in de derde naar zijn top van 351 km/h.

"Tennisser Andre Agassi kocht een zwarte Vector W8"

Tennisser Andre Agassi kocht een zwarte W8, maar wilde, volgens de overlevering, niet te lang wachten op zijn met de hand gebouwde voertuig. Hij eiste een snelle levering en daarom gaf Vector hem een exemplaar dat nog niet helemaal klaar was. Het advies aan Agassi was om er pas in te rijden als alle details waren gladgestreken, maar de (toen nog langharige) Grand Slam-winnaar zou dat in de wind hebben geslagen. Het gevolg? Een kapotte auto en veel negatieve publiciteit voor Vector.

Twee evoluties van de W8, de WX-3 coupé en roadster, stonden op de Autosalon van Genève in 1993. Ondertussen had Megatech – een bedrijf dat gerund werd door Tommy Soeharto, de zoon van de toenmalige Indonesische president – een meerderheidsbelang in Vector genomen. Dus toen Gerald Wiegert terugkeerde uit Zwitserland werd hem door de raad van bestuur gevraagd op te stappen. Hij wees dat af, sloot zich op in het Vector-hoofdkantoor en werd later ontslagen.

"Lamborghini weigerde nog langer V12's te leveren"

Daarna verhuisde Megatech zijn nieuwste aanwinst van Wilmington, California naar Green Cove Springs, Florida. Het bedrijf voegde Vector daar samen met Lamborghini, dat het eveneens in eigendom had. De M12 – waarvan tussen 1995 en 1999 achttien exemplaren werden gebouwd – was dan ook niets meer dan een verlengde Diablo met een gemodificeerde WX-3-carrosserie van glasvezel er bovenop.

Vector ging over de kop nadat Megatech de autobouwer aan het management verkocht en Audi eigenaar werd van Lamborghini. Er was geen geld, dus weigerde het merk met de stier nog langer V12’s te leveren voor de M12. De laatste motoren werden betaald met een Vector W8, zo gaat het verhaal. Het zou Wiegerts persoonlijke auto zijn geweest, dus stapte hij naar de rechter. Hij won de zaak, kocht zijn (toen failliete) geesteskind terug, maar heeft zijn W8 nooit teruggekregen.